Belangrijk voor mens en natuur
Bestuivers zitten in zwaar weer. Wilde bijen, zweefvliegen, dag- en nachtvlinders zijn de afgelopen decennia hard achteruitgegaan. Maar liefst 55% van alle bijensoorten, 46% van alle zweefvliegen en 62% van alle dagvlinders staat op de Rode Lijst in Nederland. En dat terwijl deze insecten van groot belang zijn voor onze voedselvoorziening en voor natuurlijke ecosystemen. Zo is ruim driekwart van alle voedselgewassen afhankelijk van bestuiving
door insecten. Bovendien zijn veel larven van zweefvliegen belangrijke predatoren van plaaginsecten zoals bladluizen.
Hoe gaat het onderzoek in de praktijk?
In de Nationale Bestuivers Monitoring bezoeken medewerkers van EIS Kenniscentrum Insecten in totaal 150 locaties verspreid door het land. Elke locatie krijgt vijf bezoeken van een medewerker in de lente en zomer. Tijdens het bezoek kijkt de medewerker twee uur lang met een netje welke soorten aanwezig zijn. Langs drie routes worden alle aantallen per soort precies geteld.

Bijen en zweefvliegen
Nederland telt zo’n 360 soorten wilde bijen en ruim 330 soorten zweefvliegen. Voor dag- en nachtvlinders bestaat al jaren een uitgebreid meetnet vanuit de Vlinderstichting, maar voor wilde bijen en zweefvliegen is er nog geen monitoringsprogramma. Daarom is deze pilot opgezet. De meetlocaties liggen verspreid over heel Nederland, zodat we een totaalbeeld krijgen van de populaties van deze groep insecten. We tellen alle wilde bijen en zweefvliegen in een vierkante kilometer van een gebied. Dat doen we in allerlei landschappen: van stad tot boerenland, en van laagveenmoeras tot heide en bos.
De Europese natuurherstelwet
Ook de Europese Unie vindt het herstel van wilde bestuivers belangrijk. Volgens de Europese Natuurherstelwet moeten EU-lidstaten ervoor zorgen dat de populaties en soortenrijkdom van bestuivers per 2030 niet langer afnemen (Natuur Herstel Verordening, Artikel 10) . In de jaren daarna moeten bestuivers zich in aantal en diversiteit herstellen (toenemen). Om die toe- of afname te kunnen meten moet elk land de bestuivers gaan tellen. In Nederland hebben we daarnaast de Nationale Bijenstrategie (2018) en de motie-Vestering (Tweede Kamer, 19 april 2023), die met aanvullende adviezen en verplichtingen komen rondom de monitoring en het herstel van bestuivers.

Partners
EIS Kenniscentrum Insecten werkt in dit project samen met het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) en Wageningen Environmental Research (WENR). Het CBS berekent de trends op basis van de telgegevens, WENR is betrokken bij de coördinatie en verslaglegging van het project. De pilot loopt van 2025 tot en met 2026. Vanaf 2027 moeten bestuivers op grond van de Europese Natuur Herstel Verordening jaarlijks gemonitord worden.