Door de globalisering van de handel wordt er niet alleen veel met producten gesleept, maar ook met insecten en andere ongewervelden. Sommige daarvan kunnen zich, soms in rap tempo, ontwikkelen tot zeer invasieve en problematische soorten.
EIS Kenniscentrum Insecten is in staat een profielschets te maken van exoten die aangetroffen worden of op het punt staan een potentieel probleem te worden. Er is veel ervaring met commercieel belangrijke groepen als boktorren, boorvliegen en wantsen, maar ook met mieren, termieten, spinnen, rivierkreeften, stofluizen, Geelpoothoornaar (Aziatische hoornaar) en kakkerlakken.
Er worden lijsten bijgehouden van invasieve exoten die een (potentiële) bedreiging vormen voor de land- en tuinbouw, de zogenaamde q-soorten (quarantaine-soorten). Voor Nederland is het de NVWA die deze lijst bijhoudt. Voor Europa is het vooral de European and Mediterranean Plant Protection Organisation (EPPO) dat als waarschuwingsnetwerk optreedt. Zij hanteren drie verschillende lijsten:
A1-lijst: q-soorten die niet aanwezig zijn in de EPPO-regio
A2-lijst: q-soorten die lokaal aanwezig zijn in de EPPO-regio
Alert list: soorten die op het punt staan binnen te komen en een probleem te worden in de regio
Op deze lijsten staan vooral de bekende problematische groepen als boktorren, wantsen, boorvliegen en mineervliegen. EIS Kenniscentrum Insecten heeft als geen ander zicht op de samenstelling van de inheemse fauna en is in staat om voor een grote verscheidenheid aan soortgroepen risicoanalyses uit te voeren.
Er geldt een Europees verbod op bezit, handel, kweek, transport en import van een aantal schadelijke exotische planten en dieren. Deze soorten staan op de zogenoemde Unielijst. Op de website van de NVWA kan je deze Unielijst invasieve exoten vinden.
Deze invasieve exoten zijn op de Unielijst geplaatst omdat ze in delen van de EU schade toebrengen aan de biodiversiteit en/of ecosysteemdiensten. Of ze zullen dat in de toekomst waarschijnlijk gaan doen. Ze kunnen ook nadelige gevolgen hebben voor de menselijke gezondheid, veiligheid of de economie.
Niet elke exoot die schadelijk is in Nederland of andere delen van de EU staat op de Unielijst. Het kan zijn dat er nog geen risicobeoordeling voor die soort is gemaakt die voldoet aan de EU-criteria. Een andere reden kan zijn dat een meerderheid van de lidstaten tegen opname van de soort op de Unielijst is. Ook kan een soort die inheems is in een deel van de EU niet op de Unielijst komen. Voor de Japanse duizendknoop, Sachalinse duizendknoop en basterdduizendknoop was er al een nationaal handelsverbod. Dit nationale handelsverbod blijft van kracht.
De provincies zijn verantwoordelijk voor de aanpak van de invasieve exoten die op de Unielijst staan (zie bijlage Vc van het Besluit kwaliteit Leefomgeving van het Besluit kwaliteit leefomgeving). Uitgezonderd zijn een aantal soorten waarvoor het ministerie van LVVN verantwoordelijk is. En voor de aanpak van de muskusrat en de beverrat zijn de waterschappen verantwoordelijk.
Kijk op Exoten is een nieuwsbrief die onderdeel uit maakt van het Signaleringsproject Exoten, een initiatief van het Team Invasieve Exoten (Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit). De nieuwsbrief wordt samengesteld door RAVON, in samenwerking met de andere soortenorganisaties.