Soort

Bosmeikever

Melolontha hippocastani

De bosmeikever is een grote, opvallende kever die vooral in mei veel wordt gezien. Hij heeft bruine dekschilden, een donker lichaam en opvallende waaiervormige voelsprieten. In Nederland komen vooral de gewone meikever en de bosmeikever voor. De bosmeikever is van de gewone meikever te onderscheiden door de vorm van de punt aan hun achterlijf en de kleurtint van het halsschild (lichter dan bij de gewone meikever). De bosmeikever is een stuk zeldzamer dan de gewone meikever en heeft een sterke voorkeur voor drogere zandgrond. Je kunt de soort aantreffen in de Hollandse duinen en op de Veluwe. De larven leven meerdere jaren onder de grond, waar ze zich voeden met wortels van planten en gras. Volwassen meikevers eten bladeren van bomen zoals eiken en berken.

Orde: Kevers (Coleoptera)
Familie: Bladsprietkevers (Scarabaeidae)
Exoot: Nee
Voorkomen: Zeldzaam
Habitat: Open plekken in bossen, bosranden en open velden met gras als begroeiing op de hoge zandgronden
Roy Kleukers

Herkenning

De gewone meikever en de bosmeikever zijn van elkaar te onderscheiden aan de vorm van de punt van het achterlijf en de kleur van het halsschild. Bij de gewone meikever is het halsschild meestal donkerder, terwijl dit bij de bosmeikever vaak lichter van kleur is.

Ook de witte, C-vormige larven zijn van elkaar te onderscheiden. Bij de gewone meikever is het pronotum donkerder, terwijl dit bij de bosmeikever lichter is.


Levenswijze

Meikevers brengen het grootste deel van hun leven onder de grond door als larve. Deze larven, ook wel engerlingen genoemd, leven drie tot vier jaar in de bodem en voeden zich met wortels van planten. Daardoor kunnen ze schade veroorzaken aan grasvelden, landbouwgewassen en jonge bomen.

Wanneer de temperatuur in het najaar daalt, kruipen de larven dieper de grond in om te overwinteren. Aan het einde van de zomer maken volgroeide larven een popkamer op ongeveer 30 tot 40 centimeter diepte, waarin ze verpoppen. De volwassen kever verschijnt enkele weken later in de herfst, maar blijft nog in de grond totdat het in het voorjaar warm genoeg is om uit te vliegen.

Omdat de ontwikkeling meerdere jaren duurt, verschijnen grote aantallen meikevers vaak in golven van drie tot vier jaar. De volwassen kevers zijn maar kort actief: meestal van eind april tot begin juni. In deze periode vliegen ze vooral tijdens warme avonden rond om te eten, te paren en eitjes af te zetten. Ze eten daarbij onder andere bladeren van eikenbomen.

Mannetjes vinden vrouwtjes met behulp van feromonen. Hun grote antennes zijn zeer gevoelig voor deze geurstoffen. Tijdens de paring valt op dat het mannetje zich vaak achterover laat hangen, waardoor het tijdelijk door het vrouwtje wordt meegesleept.

Mannetje en vrouwtje bosmeikever. Foto’s Jitte Groothuis.


Verstoring door licht

Meikevers worden sterk aangetrokken door kunstlicht. Vooral tijdens warme avonden in de schemering zijn ze actief en vliegen ze massaal rond lantaarnpalen en verlichte gebouwen. Omdat ze normaal navigeren op maanlicht, raken ze door kunstlicht gedesoriënteerd. Daardoor vliegen ze soms tegen ramen aan of belanden ze binnenshuis.


Verspreiding

De bosmeikever heeft een sterkere voorkeur voor drogere zandgrond, waardoor ze in de Hollandse duinen algemener is. Ook op de Veluwe komt de bosmeikever voor. Elders in Nederland is deze soort zeldzaam en zie je vaker de gewone meikever.

Alle soorten meikevers ontbreken geheel in de laagveengebieden en op (zee)kleibodem. Goed waterdoorlaatbare zandgrond heeft de voorkeur. Ook op de Waddeneilanden worden vrijwel nooit mei- of junikevers waargenomen.


Waarnemingen doorgeven

Heb je een bosmeikever gezien? Om een zo goed mogelijk beeld te krijgen van de verspreiding van deze soort in Nederland, wordt gevraagd om waarnemingen in te voeren via Waarneming.nl. Dit kan eventueel ook zonder account via deze link


Delen via:

Ook interessant